Vereisten voor medische voetverzorgingsinstrumenten
Deel
Gezonde en verzorgde voeten
Gezonde en verzorgde voeten zijn het werkterrein van twee heel verschillende beroepsgroepen: pedicures enerzijds en podologen anderzijds.
Het onderscheid is ook voor leken goed te volgen:
Pedicures voeren verzorgende en cosmetische behandelingen uit aan de gezonde voet.
Daartoe behoren bijvoorbeeld het inkorten van nagels en voetmassages.
Preventieve, therapeutische en revaliderende maatregelen aan de bedreigde of al beschadigde voet zijn daarentegen voorbehouden aan podologen.
Instrumenten die aan deze eisen voldoen
Van chirurgenstaal en volledig autoclaveerbaar:
- Ruck Trapez Nagel-/Eckenzange – combinatie van kopknipper en hoektang
- Ruck Nagelzange – voor dagelijks gebruik in de praktijk
- Skalpell mit Metallheft – voor eelt en de nagelriem
Verhoogde hygiëne-eisen aan podologie-instrumenten
Waarom dat onderscheid belangrijk is? Beide werkgebieden vragen deels om heel verschillende hulpmiddelen.
Bij podologische behandelingen worden onder meer de huid en de nagels van de voet bewerkt of hulpmiddelen aangebracht.
Voorbeelden zijn het afdragen van verdikt eelt, het verwijderen van likdoorns of het aanbrengen van orthesen, nagelbeugels en correctiesystemen.
Daarbij worden speciale scalpels, tangen, frezen en slijpers ingezet, maar ook zalven, tincturen en desinfectiemiddelen.
Omdat dit vaak aan een bedreigde of zieke voet gebeurt, moeten podologen bij het gebruik van de instrumenten aan verhoogde eisen op het gebied van hantering en hygiëne voldoen.
Deze eisen vloeien onder meer voort uit de EU-verordening medische hulpmiddelen (MDR, Verordening (EU) 2017/745), de Duitse uitvoeringswet voor het recht inzake medische hulpmiddelen (MPDG) en de Duitse verordening voor exploitanten van medische hulpmiddelen (MPBetreibV).
Pedicures vallen daarentegen niet onder deze verordening.
Hoe de herverwerking stap voor stap verloopt, leest u in ons artikel Instrumentenherverwerking in de podologie.
Medische hulpmiddelen in de podologiepraktijk
Volgens artikel 2 van Verordening (EU) 2017/745 (MDR) zijn medische hulpmiddelen
„afzonderlijk of in combinatie gebruikte instrumenten, apparaten, toestellen, hulpmiddelen, stoffen of andere artikelen (met inbegrip van de bijbehorende software)”,
die bestemd zijn om bij de mens te worden gebruikt voor de volgende doeleinden:
- opsporing, preventie, bewaking, behandeling of verlichting van ziekten, verwondingen of handicaps
- onderzoek, vervanging of wijziging van de anatomie of van een fysiologisch proces
In de podologiepraktijk worden hiervoor actieve en niet-actieve medische hulpmiddelen ingezet.
Actieve medische hulpmiddelen zijn bijvoorbeeld motoren voor de aandrijving van frezen, ultrasoonapparaten, folielasapparaten, sterilisatoren of ook gemotoriseerde behandelstoelen.
Tot de niet-actieve medische hulpmiddelen behoren instrumenten zoals kopknippers en pincetten.
De verordening voor exploitanten van medische hulpmiddelen (MPBetreibV) eist dat medische hulpmiddelen alleen worden bediend en toegepast door personen die daarvoor de vereiste opleiding of de nodige kennis en ervaring bezitten.
Risico-indeling van typische podologie-instrumenten
De juiste risico-indeling van de in de podologie gebruikte medische hulpmiddelen is belangrijk om de veiligheid voor patiënten en gebruikers te waarborgen.






